![]() |
Argus Panoptes of Argus (Grieks: Argos), was een reus uit de Griekse mythologie die over zijn gehele lichaam honderd ogen bezat, waarvan er nooit meer dan twee tegelijk sliepen. (Het Griekse woord pan betekent 'alles' en het Griekse optes betekent 'ziend'.)
Toen Zeus zijn oog op Io liet vallen, veranderde hij haar in een koe zodat zijn vrouw Hera niets zou merken. Maar deze laatste vertrouwde het niet en gaf Argus de opdracht Io "in het oog" te houden. Argus werd door Hermes gedood nadat Hermes hem door zijn fluitspel zo diep liet inslapen dat al zijn ogen dichtvielen. Hera plaatste later als eerbetoon zijn honderd ogen op de staart van het haar toegewijde dier, de pauw, wiens staart immers vol ogen zit, en wiens waakzaamheid spreekwoordelijk is. De uitdrukking "iets met argusogen gadeslaan" wil dan ook zeggen dat men ergens waakzaam en met enig wantrouwen naar kijkt. |
![]() |
Augias bezat de grootste kudde van het land. De kudde telde wel drieduizend ossen, maar de stallen van de kudde waren al in geen dertig jaar uitgemest. De opdracht van Herakles was om de stallen in één dag schoon te maken. Hij kreeg dat voor elkaar door twee rivieren die erlangs stroomden om te leiden, de Alpheüs en de Peneos. Vanaf deze rivieren maakte hij een kanaal, waardoor het water door de stallen heen stroomde. Hij liet daarna het kanaal weer op de rivier uitkomen en damde de rivier af. Daardoor moest al het water door het kanaal stromen. Al het water nam steeds kleine beetjes vuil mee. Hij hoefde alleen even de mest in het kanaaltje te gooien en alles werd weggevoerd. Op die manier werden de stallen van Augias in één dag schoongemaakt en vervulde Herakles het vijfde van zijn twaalf werken.
Augias was woedend vanwege het succes, omdat hij Herakles als beloning een tiende deel van zijn land had beloofd. Hij kwam deze afspraak echter niet na. Daarom werd Augias door Herakles gedood. Herakles gaf zijn koninkrijk toen aan Phyleus, de zoon van Augias. Deze was door zijn vader verbannen vanwege zijn steun aan Herakles. Doordat Herakles zich liet betalen, vond Eurystheus dat het werk niet goed uitgevoerd was, en moest Herakles er een ander vervullen. Normaal moest Herakles er maar 10 vervullen, maar bij het doden van de Hydra kreeg hij hulp, en dat telde dus ook niet mee. De mythe leeft altijd nog voort, ook in het Nederlands met de uitdrukking: "wat is het hier vies, het lijkt wel een augiasstal". |
![]() |
Hephaistos of Hephaestus (Latijn) is een figuur uit de Griekse mythologie. Hij is de god van de smeedkunst, het vuur en de vulkanen, en is smid van de goden. Volgens sommige bronnen (Homerus, e.a.) was hij de zoon van Zeus en Hera, volgens anderen (Hesiodus) was hij alleen de zoon van Hera. De Romeinen stelden hem gelijk aan hun god Vulcanus (ook wel Mulciber). Zijn werkplaats was op Lemnos maar ook overal waar een vulkaan en vuur aanwezig was zijn terrein. Hij was getrouwd met Aphrodite, maar Aphrodite bedroog hem met haar minnaar Ares, de oorlogsgod. Van Ares kreeg ze een kind, genaamd Harmonia.
Hij had sterke armen, zoals elke smid, en onderontwikkelde benen. Hephaestus was echter ook nog mank. In Homerus' Ilias wekt zijn verschijnen bij de goden het ‘Homerisch gelach’. Voor zijn mankheid bestaan twee verklaringen. Volgens de ene was Hephaestus bij een echtelijke twist tussen zijn ouders aanwezig en toen hij zich erin mengde om zijn moeder te verdedigen, pakte zijn vader hem bij een been en wierp hem van de Olympus naar beneden. Een volk uit Thracië, de Sintiërs, dat met een volksverhuizing op Lemnos was terechtgekomen (daar was Hephaestus neergekomen bij zijn val), verpleegde hem maar hij bleef mank. |
![]() |
Pandora (haar naam kan zowel draagster van alle gaven als schenkster van alle gaven of albegaafde betekenen), is in de Griekse mythologie de naam van de eerste vrouw, die door Hephaistos werd gevormd uit water en aarde. Prometheus en zijn broer Epimetheus hadden van Zeus de opdracht gekregen om de mens te maken. Zij maakten dan ook de man, maar omdat die man zo ongelukkig was, stal Prometheus een brandende toorts uit Olympus en schonk de mensheid het vuur. Zeus vond dit verraad zo erg dat hij de mensheid wilde straffen. Om Prometheus en Epimetheus niet te beledigen, deed hij dit niet rechtstreeks. Hij beval Hephaistos om uit water en aarde een vrouw te vormen. Daarna schonken alle goden haar goede gaven. Athena gaf haar intelligentie, talent, manieren en kleedde haar in de mooiste kleding. Aphrodite gaf haar de bevalligheid en schoonheid van een godin. De andere goden gaven haar goud en staken bloemen in haar haar. De laatste god, Hermes, gaf haar de spraak en plantte schaamteloze gedachten en een bedrieglijke aard in haar wezen. Zo kreeg zij een eigenschap die geen enkele andere sterveling had: Nieuwsgierigheid. Ze kreeg de naam Pandora. Zeus schonk haar aan Prometheus, maar deze wist dat een geschenk van de goden niet zonder gevolgen blijft en weigerde haar. Hij raadde zijn broer aan dat ook te doen. Zeus liet haar daarop door Hermes bij Epimetheus, de domme broer van Prometheus brengen. Niettegenstaande de waarschuwingen van Prometheus nam hij haar tot vrouw. Zeus schonk het paar ook een pithos (vat), waarin alle ongelukken zaten opgesloten. Indien de doos gesloten bleef, konden die niemand treffen. Maar Pandora kon haar nieuwsgierigheid niet bedwingen en opende het vat. Toen kwamen daar alle rampen, ziekten en zorgen uit tevoorschijn en verspreidden zich over de aarde: aan het kommerloze bestaan van de mensen was een einde gekomen. Pandora wilde nog gauw het deksel dichtklappen, maar alleen de hoop zat nog in het vat toen het weer gesloten werd. Vandaar dat onder de hevigste rampen die de mensen op aarde teisteren de hoop hun nog altijd bijblijft. |
![]() |
Pan of Faunus (Latijn) is een figuur uit de Griekse mythologie. Hij is een zoon van Hermes en de nimf Penelope. Pan is de god van het woud en patroon van de herders en hun kudden. Verder is hij de god van het vee en het dierlijk instinct.
Pan heeft het onderlijf en de hoorns van een geit, maar een menselijk bovenlijf. Verder heeft hij een lang smal gezicht, een grote neus en gele oogjes. De panfluit is naar hem vernoemd. Deze kreeg hij toen hij de nimf Syrinx achterna zat. Zij wou graag maagd blijven en bad tot de goden terwijl ze Pans adem al in haar nek voelde. Haar gebed werd verhoord en ze veranderde net op tijd in een rietstengel. Daar maakte Pan toen zijn fluit van.In de bossen zorgde Pan voor veel mysterieuze geluiden die herders en hun kuddes vervulden met angst. Hetzelfde gold voor mensen op afgelegen plekken. Dit is de verklaring van het woord pan-iek. Een panische schrik is een plotselinge, algemene, maar ongegronde schrik. Om die reden kon men hem maar beter te vriend houden. Ook het voorvoegsel pan- (alles) is van Pan afgeleid, omdat hij werd gezien als de personificatie van de natuur. Sinds de Middeleeuwen werd zijn uiterlijk overgenomen om de duivel af te beelden. |
![]() |
Tantalos of Tantalus (Latijn) is een figuur uit de Griekse mythologie: een rijke Lydische koning. Hij was een gunsteling, maar misschien ook de zoon van Zeus en de oceanide Blouto. Tantalus was de grondlegger van het geslacht der Tantaliden, later beter bekend als Atriden. Tantalus werd door Zeus uitgenodigd om bij de Olympische goden te komen eten, een grote eer, die hem echter zuur zou opbreken door zijn eigen fouten. Tantalus verraadde geheimen die Zeus hem verteld had. Daarnaast stal hij nectar en ambrozijn, godenvoedsel dat het geheim van onsterfelijkheid zou bevatten, opdat zijn vrienden het konden proeven. Toen hij op een dag de goden had uitgenodigd voor een banket schotelde Tantalus hun zijn in stukken gesneden zoon Pelops voor om te testen of zijn gasten wel degelijk alwetend waren. De goden ontdekten het direct en aten niets van het vlees. Alleen Demeter, die nog met haar hoofd bij de roof van haar dochter door Hades was, at gedachteloos een stuk van Pelops' schouder op. Zeus beval Hermes de lichaamsdelen van Pelops te verzamelen en maakte er weer een lijf van; Demeter gaf een stukje ivoor om Pelops' schouder op te vullen. Rhea wekte Pelops weer tot leven. Zeus stuurde Tantalus naar de onderwereld, meer bepaald naar het onherbergzaamste stuk daarvan, de Tartarus, om daar een eeuwigdurende marteling te ondergaan. Tantalus moest tot zijn kin in een poel water staan, maar telkens als hij dorst had en zijn lippen naar het water bewoog, zonk het weg in de aarde. Hongerig probeerde hij ook van de fruitbomen te plukken die juist boven hem hingen, maar tevergeefs: als hij bijna een stuk fruit had, stak er juist een harde wind op die de takken buiten zijn bereik blies. Boven hem lag er een rotsblok dat elk moment kon vallen. |
![]() |
Een paard van Troje is een gewenste zaak die ergens met plezier wordt binnengehaald, maar waarin een ongewenste lading is verborgen. Kort gezegd: zijn eigen ondergang argeloos bewerkstelligen. Een bekend Nederlands voorbeeld is het Turfschip van Breda, maar het oervoorbeeld is het houten paard dat volgens de legendes omtrent de Trojaanse Oorlog door de Grieken voor de poorten van Troje werd achtergelaten.
Omdat de Grieken er maar niet in slagen de stad Troje in te nemen bedenkt Odysseus een list. |







